Voor werkgevers
Discriminatie en ongewenste omgangsvormen
Aandachtspunten - Voorbereiding - Gesprek met daders - Gesprek met slachtoffers
Discriminatie en ongewenste omgangsvormen kunnen bestaan uit:
• Agressie
• Intimidatie
• Seksueel en lichamelijk geweld
• Pesten
• Discriminatie
• Diefstal
• Roken
• Alcohol- en drugsgebruik
• Jouw dagelijks gedrag als leidinggevende bepaalt (mede) de cultuur op de afdeling
• Jouw optreden als leidinggevende bepaalt de grenzen op een afdeling
• Praat er (indien mogelijk) met directeur, P&O of Arbo-dienst over
• Bespreek wat jij/jullie kunnen doen
• Stel directeur, P&O of Arbo-dienst op de hoogte van voornemen om dader aan te spreken
• Zet op een rij wat je precies wilt zeggen (wat jij wilt dat er verandert)
• Verzamel voorbeelden/bewijzen om eventueel te gebruiken
• Denk na over mogelijke vervolgstappen en sancties mocht het ongewenste gedrag doorgaan
• Zorg voor een plek waar jullie ongestoord kunnen praten
• Spreek de persoon of personen vriendelijk aan. Zeg meteen waar het gesprek over gaat
• Je veroordeelt gedrag en niet de persoon/personen
• Benoem gedrag in zo neutraal mogelijke bewoordingen
• Wijs het bagatelliseren van ongewenst gedrag: `niet serieus bedoeld` of `grapje’ altijd af
• Vertel wat voor effect dat gedrag heeft op het slachtoffer
• Benoem de eventuele gevolgen voor het werk
• Maak afspraken over het stoppen/afnemen van het benoemde gedrag
• Vertel over de sancties die je kan opleggen als het gedrag niet vermindert/stopt (noem eventueel ook de juridische gevolgen)
• Zorg voor een veilige plek waar jullie ongestoord kunnen praten
• Spreek de persoon vriendelijk aan. Spreek je vermoeden uit
• Nodig de persoon uit om erover te praten
• Wees voorzichtig met hoe je reageert
• Zeg niets toe wat je niet waar kunt maken
• Laat hem of haar helemaal uitpraten
• Vraag door als je iets niet snapt
• Laat de persoon weten dat jij niets zult doen als diegene dat niet wil

